Waterwindmolens werking en uitvoeringen

Schepradmolen

 

Volgens de beschrijving van….. was de molen van Alphen uit 1791 achtkantig uitgebestek-dreumel-1910-bl-2voerd en voorzien van een groot scheprad.

Via internet vind ik tekeningen van achtkantige-molengelijksoortige molens.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Hellend schepradmolen

 

[Eckhardt, Antoine George]

ECKHARDT (Antoine George), geb. omstreeks 1740, overl. omstreeks 1810, was een bekwaam werktuigkundige. Hij vond omstreeks 1770 het hellend scheprad voor bemaling van polders uit. Dit heeft verschillende voordelen boven het tot dien tijd gebruikelijke staande scheprad, in het bijzonder dat het veel minder hoog en dus stabieler is en dat het in den watermolen ingebouwd kan worden; de molenaar kan boven het rad woning vinden en het scheprad vriest nimmer vast, hetgeen vooral in dien tijd bij de naast den molen staande schepraderen dikwijls eenige maanden ’s jaars het geval was.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

In 1775 en 1776 werden onder toezicht van C. Brunings (I, kol. 498) uitgebreide vergelijkende proeven met hellende en staande schepradmolens genomen, die ten voordeele der eerste uitvielen.

Het gevolg was, dat de uitvinder van de Staten van Holland octrooi bekwam. Hij legde o.a. hellende schepradmolens aan op verschillende plaatsen vooral in Holland, in 1780 waren er reeds 18 in werking. Later kwamen daarbij nog 4 voor het waterschap Wamel, Dreumel en Alfen, dat, in den zak tusschen Maas en Waal liggende, in zeer onvoordeeligen toestand verkeerde.

 

Op den duur bevielen te Wamel c.a. de hellende schepraderen minder goed, men heeft die omstreeks 1840, toen de toepassing van stoom voor bemaling vorderingen van beteekenis gemaakt had, vervangen door pompen van Fijnje (1, kol. 908).

 

 

 

 

 

 

 

Verticale doorsnede met scheprad.                                                                                                                       Horizontale doorsnede met polder en boezemwater